De post-vakantie puber

Na de zomervakantie is het altijd een verrassing hoe mijn leerlingen zijn veranderd na die zes weekjes. Ook dit jaar kijk ik weer m’n ogen uit: is dát Mark? Maar, dat was toch nog zo’n jochie in juli? Kennelijk doet Mark het goed op Frans stokbrood en Spaanse wijn, want hij lijkt wel een halve meter langer en een jochie kun je hem ook met goed fatsoen niet meer noemen. En waar is de bril van Tim gebleven? De beugel van Sven? En is dat Marlijn, met dat paarse haar?!

Lees ook: Wanneer is je kind een puber?

De zomer is een magisch fenomeen waar leerlingen massaal centimeters van groeien in lengte en zelfvertrouwen. Maar eenmaal opgehokt in een klaslokaal, kan ik altijd een paar typen post-vakantie pubers onderscheiden. Herkenbaar?

1. De ‘Deze vakantie was óók weer te kort’-puber

Bij deze leerling lijkt er ellende uit al zijn poriën te sijpelen. Zongebruind kijkt hij je met een blik op onweer aan óf ligt hij languit te dweilen over z’n tafeltje. Op je opgewekte vraag hoe de zomer was, krijg je een cynische blik en een gemompeld ‘te kort.’ De tas gaat in slow motion van tafel, de etui wordt zwaar vertraagd tevoorschijn gehaald en eigenlijk gaat alles gewoon een paar tandjes te langzaam.

‘Ik ben gewoon nog niet zover, begrijp dat dan, mens’, straalt hij uit. Elke opdracht van mijn kant wordt begroet met een “Ja maar, mevrouuuuuw…”, gevolgd door duizend-en-een redenen waarom dit nog echt veel te veel gevraagd is. Ik voel zijn pijn, echt, maar de plicht roept.

Benaderingswijze: begrip, begrip, begrip, een voorzichtig grapje, een schouderklopje.

2. De ‘Ik ben er klaar voorrrrrrrr’-puber

Vooraan, kaarsrecht, schrift én pen in de aanslag en met een stralende blik. Deze leerling heeft er zoveel zin in dat ik er als docent bijna argwanend van wordt. En onzeker: deze les kan nooit zo leuk worden als hij nu lijkt te verwachten. Deze puber heeft in de vakantie ‘gelezen, mevrouw’ en dan niet de Voetbal International of de Grazia, maar ‘een supertof boek over een autistische wetenschapper die zichzelf gaat klonen’. Dit is een kritische consument die niets van wat ik ga vertellen dit jaar zomaar aanneemt.

Benaderingswijze: vraagt zelf nergens om, maar ik kan geen steekjes laten vallen.

3. De ‘Ik ben er klaar mee’-puber

Dit type tref je met name aan in het examenjaar en vooral onder de meisjes. Na weer een zalige zomer vol vrijheid, vaak de eerste of tweede keer zonder ouders, kan ze bijna niet geloven dat ze alwéér in dit gebouw, achter dit tafeltje, naar mij zit te kijken. ‘Wat doe ik hier nog?’ knippert zo’n beetje in neonletters op haar voorhoofd. Zij is klaar voor haar vervolgopleiding: studie, studentenstad, studentenhuis, studentenfiets en studenteninrichting zijn al uitgezocht.

Lees ook: Jongeren verslaafd aan smartphone? Of jij?

Dit schooljaar is een hinderlijke vertraging op weg naar haar volgende opleiding. Onvoorstelbaar vindt ze het: ze heeft nota bene al haar rijbewijs, een bijna afgestudeerde oudere vriend, en toch loopt ze nog stééds hier op school rond, tussen al die kwetterende bruggers die elk jaar kleiner, luider en irritanter lijken te worden. Ze zucht. Gooit haar haar naar achter. Draait met haar ogen. ‘Vooruit maar,’ zegt haar blik, ‘dan is ’t maar gebeurd.’

Benaderingswijze: voorzichtig, want licht ontvlambaar type. Veel aandacht voor de horizon aan het einde van het schooljaar.

4. De ‘Help me dan’-puber

Met deze puber heb ik altijd heel erg te doen. Het is de leerling zonder de spetterende vakantieverhalen, en als die er toch zijn, is er niemand in de klas die ernaar vraagt. Stilletjes schiet deze leerling je lokaal in, kruipt in een hoekje en probeert vooral heel erg onzichtbaar te zijn. ‘Je schooltijd is de mooiste tijd van je leven’ gaat voor deze leerling helaas niet op. Ook voor hem duurde de zomer te kort, maar niet omdat die zo fantastisch was. Mijn hart breekt een beetje als ik deze leerling weer schichtig binnen zie schuifelen.

Benaderingswijze: een persoonlijk praatje, maar niet midden in een volle klas.

5. De ‘Niks aan de hand’-puber.

Dit type is het Zwitserland onder de pubers: superneutraal. School is… gewoon school. Het moet, dus hij zit er en als hij er dan toch zit, maakt hij er ook gewoon het beste van. Ja, die zomer was lekker, maar ach: school is toch ook best gezellig. Goedgemutst vertelt hij desgevraagd iets over zijn vakantie en daarna pent hij gewoon keurig zijn aantekeningen in een schrift. Geen gezucht, geen rollende ogen, geen schichtige blikken.

Benaderingswijze: geen gebruiksaanwijzing. De ‘Niks aan de hand’-puber vindt alles ‘wel ok’.

Heeft jouw puber ook zo’n zomertransformatie doorgemaakt? En welk type heb jij thuis op de bank zitten?

Bron hoofdafbeelding: Pixabay

Kathinka Kraaijenbrink

Sinds augustus 2014 moeder van een prachtige zoon: Ivan. Bij vlagen volledig flabbergegast door alles wat het moederschap met zich meebrengt, in positieve en negatieve zin. Over die verbazing schrijf ik graag.

Nog geen reacties

Plaats een reactie

Je e-mailadres zal niet worden gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.